2008-2009

witte broods weken
*08042009+

de digitale herontdekking

2008-2009
Als de boardshop in oktober 2007 op rolletjes loopt ontstaat er ruimte in mijn hoofd voor iets nieuws. In eerste instantie gebruik ik mijn camera enkel ten bate van de shop. Gaandeweg, het zal in 2008 geweest zijn, merk ik dat het schieten van plaatjes een fijne vervanging is voor een andere grote liefde: het maken van muziek. Nu ik daar niet meer aan toe kom vervult de camera meer en meer mijn drang om te creëren.

Het is een tumultueuze periode van groei en ontwikkeling. Als ondernemer, maar vooral ook als fotograaf. ‘Wat te fotograferen’, ‘hoe te fotograferen’, ‘welke mogelijkheden zijn er in software te vinden’.

Die beginperiode kenmerkt zich door enorm veel experiment. De technologie staat al niet meer in zijn kinderschoenen, de uitwerking van die technologie en alle mogelijkheden brengen me naar de uitersten van dit ‘spartaanse’ digitale tijdperk. Zoals HDR (High Dynamic Range), het overdreven ‘verouderen’ van foto’s (er bestond nog geen makkelijk ‘vintage-filter’) of het digitaal creëren van passe-partouts. Alle kennis, alle mogelijkheden, de inspiratiebronnen die ik in die dagen vind neem ik volledig tot me om er vervolgens keihard mee aan de slag te gaan.

Het is met terugwerkende kracht een duidelijke vlucht van de harde (commerciële) realiteit van de boardshop.


De wereld op zijn kop.
In 2009 wordt  mijn dochter stil geboren. Luna.

Dit heeft een emotionele impact die bijna niet is voor te stellen. Uitzonderlijk verdriet. Toch is het, en ik ben me er van bewust hoe cru dit klinkt, ook een gebeurtenis – geworden – van geluk. Om deze intens trieste tijd het hoofd te bieden begraaf ik mezelf achter de zoeker van mijn camera. Escapisme in de fotografie. Escapisme volgens de brede lijnen van de schoolboeken. Zalvend. Therapeutisch. De camera die (letterlijk) een buffer vormt tegen de buitenwereld.


In retrospectief (vanuit2020):
Het is duidelijk dat ik neig naar zwart/wit. De focus ligt op het benadrukken van abstractie en detail. Ook valt een zekere ‘candid’ stijl op. Wellicht een uitingsvorm van de bovengenoemd escapisme.  Ik weet dat ik toen vooral bij mijzelf, achter de camera bleef.  De sociale interactie probeerde ik zo veel mogelijk te vermijden. ‘Kijkend naar de wereld vanuit mijn kijkdoosje’, zo verhield ik me met camera tot de buitenwereld. 

Strobist en muziek. 
Werken met een losse, externe flitser maakt me gelukkig. Het geeft fotografie, van nature een tweedimensionaal medium, een extra dimensie. Ook zet ik de eerste stappen om artiesten te fotograferen. De liefde voor muziek en het bijbehorende wereldje zullen nooit ver weg zijn.

Portretfotografie.
Eigenlijk het tegenovergestelde te noemen van de ‘candid’stijl die ik in die tijd hanteer. Ook op dat vlak zet ik mijn voorzichtig mijn eerste stapjes.  Het is vooral ongemakkelijk, het sturen van ‘het portret’ is een totaal nieuwe ervaring. Ineens wordt fotografie in plaats van een toeschouwersaangelegenheid (het waarnemen en op het juiste moment op het knopje drukken) een interessante dialoog. 

exemplarische foto’s van destijds in de zoektocht naar stijl, vorm en mogelijkheden van het nu

mijn eerste portret serie off camera flash